Topbanner http://www.thijsvanvalkengoed.nl

Van Valkengoed kan nog stuk sneller

Auteur: Anton van Gerner
Bron: Dagblad Flevoland

Schoolslagspecialist uit Lelystad debuteert op wereldkampioenschap in Barcelona

LELYSTAD – Thijs van Valkengoed vond het vreemd om zijn naam met dikke letters in de landelijke kranten te zien. En ook wel leuk. Maar hij raakt er niet van in de war. Meer druk? ‘Ik leg mezelf druk op, dat heb ik nodig.’ De schoolslagspecialist uit Lelystad wil op het wereldkampioenschap zwemmen in Barcelona zichzelf opnieuw verbeteren. De kop boven dit verhaal zal hem eerder stimuleren dan blokkeren.

Thijs van Valkengoed reeg als junior al de records aaneen. Dit seizoen debuteerde hij als senior op het Europees kampioenschap met een zevende plaats op de 200 meter korte baan. De échte doorbraak bij het grote publiek beleefde de Lelystedeling echter pas in april tijdens het Nederlands kampioenschap. Met drie titels (50, 100 en 200 meter schoolslag) en twee nationale records (100 en 200 meter) was Van Valkengoed de blikvanger. ‘Dan kom je opeens op Studio Sport en in de landelijke kranten. Dat is een hele verandering, voorheen hadden alleen de regionale media interesse. Op zich vond ik het wel leuk om al die verhalen over mezelf te lezen. Ik weet niet precies wat ik er van moet vinden. Het is leuk, maar het maakt me verder niet veel uit wat er wordt geschreven. Ik zwem altijd zo hard mogelijk op de wedstrijden waar ik wil pieken. De mensen zullen wel zeggen dat er meer druk op staat omdat ik nu een stukje bekender ben. Maar ik wil goed presteren voor mezelf, niet om de lezers tevreden te stellen of zo.’
Presteren wil Van Valkengoed, die vlak voor het WK zijn twintigste verjaardag vierde, ook in het zwembad dat speciaal voor het WK in het Paulau Sant Jordi in Barcelona wordt aangelegd. Het toernooi begint voor de zwemmer van het profteam Top Zwemmen Amsterdam (TZA) op 20 juli met de 100 meter schoolslag. ‘Het wereldkampioenschap is een nieuwe ervaring voor mij. Maar ik probeer het nuchter te zien: een zwembad is een zwembad. Natuurlijk is de entourage anders, dat zie ik als een leermoment. Daar moet je mee kunnen omgaan, of zelfs als extra energiebron zien.’

PROGRESSIE
Het zou kunnen helpen om zijn doel, finaleplaatsen en het scherper stellen van zijn persoonlijke toptijden, te bereiken. Gezien de progressie die Van Valkengoed boekt, is het helemaal niet ondenkbaar dat dat gaat lukken. Op de wereldranglijst van dit seizoen neemt Van Valkengoed op de 100 meter de negende plaats in, op de 200 meter zelfs de zevende. ‘Er is dus gewoon een reële kans dat ik de finale kan halen. Net als op het EK wil ik mezelf verbeteren. Die drang heb ik, die druk leg ik mezelf ook op. Hoeveel sneller kan het, waar kan ik me verbeteren? Ik ben ervan overtuigd dat het nog een stuk sneller kan. Als ik op de 200 meter laag in de 2.12 zwem en maar net buiten de finale val, heb ik weinig te mopperen omdat het een toptijd is. Als ik de finale haal met een tijd van 2.14 heb ik wel reden om te klagen.’

Maar klagen doet Van Valkengoed niet. Hij schiet als een komeet omhoog op de ranglijsten. ‘Sinds het Europees jeugdkampioenschap in 2000 maak ik progressie, maar het afgelopen jaar is het heel hard gegaan. Vorig jaar was dat minder, toen verloor ik een half seizoen door de ziekte van Pfeiffer. Nog steeds merk ik daar de naweeën van, vooral op de 200 meter. Voor die ziekte was mijn sterke punt dat ik op de laatste vijftig meter nog hard kon zwemmen, er zat weinig verval in. Dat verval is nu ook niet groot, maar voorheen ging het beter. Ik hoop dat ik me daarin nog ontwikkel. Je ziet vaak dat je op latere leeftijd beter kunt doortrekken op het laatste stuk.’
In zijn trainingsprogramma’s probeert Van Valkengoed eraan te werken. Het zijn schema’s die hij vooral zelf samenstelt. ‘Ik vind het leuk om te weten wat er in je lichaam omgaat, hoe het reageert en hoe je jezelf kunt verbeteren. De jaarplanning heb ik zelf gemaakt, en samen met trainer Fedor Hes hebben we er kritisch naar gekeken. Bij TZA is dat ook een belangrijk motto: zelfstandigheid. Je moet manager zijn van je eigen proces zijn. Dat dwingt je tot nadenken over het zwemmen, over je doelen en hoe je die wilt bereiken.’ Finaleplaatsen, persoonlijke records. De doelen voor het WK zijn duidelijk. Met een schuin oog kijkt Van Valkengoed al naar de Olympische Spelen in 2004. ‘De kwalificatieperiode voor de Olympische Spelen begint tijdens het wereldkampioenschap. Mijn ideaalbeeld is om op het WK de limiet voor de Spelen te halen en in december vormbehoud te tonen. Dan heb ik zeven maanden de tijd om me helemaal voor te bereiden op de Olympische Spelen. Het is een jongensdroom om daarheen te gaan.’